Het grote economische trauma van Duitsland is de hyperinflatie die ze 100 jaar geleden trof. De Duitse mark werd heel snel heel veel minder waard en dat betekende dat spaargeld als sneeuw voor de zon verdween.
Goud bleek letterlijk goud waard en wie toen fysiek goud had, was spekkoper.
Zo was er iemand die een heel hotel kon kopen met één ounce goud.
Ik heb zelf nog wat noodgeld, munten en biljetten uit die tijd. Het is geschiedenis die we beter niet vergeten, want na hyperinflatie is de rijkdom opnieuw verdeeld.



Degenen die (veel) goud en zilver hadden EN tijdens de hyperinflatie een inkomen genieten, die kunnen in zo’n hyperinflatie periode rijk worden. Maar… niet zomaar.
Je moet op tijd je goud en zilver een keer inwisselen voor middelen die omzet en winst opleveren. Als je niets met je edelmetaal doet, dan heb je ook uiteindelijk geen voordeel.
De kunst is dan om die stappen goed te nemen. Ben je te vroeg en heb je geen inkomsten, dan ga je alsnog onderuit.
Ben je te laat, dan zal je de rest van je leven praten over de kansen die je gemist hebt…
In 2012 schreef ik ook al over dit onderwerp: https://www.beursbox.nl/nieuws-beleggen/laatste-nieuws/de-duitse-hyperinflatie-van-1923
Ik heb ook wat noodgeld in mijn bezit. Je kan daar hier meer over lezen: https://www.beursbox.nl/nieuws-beleggen/100-jaar-geleden-duits-en-oostenrijks-noodgeld