Vanaf 2028 worden in Nederland tijdsafhankelijke nettarieven voor consumenten ingevoerd.
De overheid en netbeheerders willen dat consumenten slimmer omgaan met hun elektriciteitsverbruik. Door op verschillende momenten van de dag verschillende tarieven te hanteren, hopen zij mensen te stimuleren vooral stroom te gebruiken wanneer het elektriciteitsnet voldoende capaciteit heeft.
Daarom wordt de dag opgedeeld in meerdere tariefblokken. Denk bijvoorbeeld aan een blok voor de vroege ochtend, een blok voor de late ochtend en middag, een avondblok en een nachtblok.
Naar verwachting zal het avondblok het duurst worden. Juist dan is de vraag naar elektriciteit het grootst, omdat veel mensen thuiskomen, gaan koken en elektrische apparaten gebruiken. Ook in de vroege ochtend ontstaat vaak een korte piek in het stroomverbruik.
Overdag, vooral op zonnige dagen, is er juist een groot aanbod van elektriciteit dankzij de miljoenen zonnepanelen in Nederland. In de nacht is de vraag naar stroom laag en is er doorgaans voldoende capaciteit op het net. Op die momenten zullen de tarieven waarschijnlijk lager uitvallen.
Met deze prijsverschillen hopen beleidsmakers dat consumenten hun verbruik zoveel mogelijk verschuiven naar de goedkopere uren. Voor huishoudens zonder thuisbatterij kan dat een effectieve prikkel zijn.
Huishoudens mét een thuisbatterij zijn echter vaak al onderdeel van de oplossing. Zij kunnen goedkope stroom opslaan wanneer de tarieven laag zijn en deze gebruiken wanneer elektriciteit duur is. Daardoor wordt het elektriciteitsnet minder belast tijdens de piekuren.
Ook eigenaren van zonnepanelen zullen steeds kritischer kijken naar het terugleveren van stroom. Als de vergoeding laag is of als terugleveren zelfs geld kost, kan het aantrekkelijker zijn om de opgewekte energie zelf op te slaan of – als de batterij vol is – de zonnepanelen tijdelijk minder te laten produceren.
De grote prijsverschillen tussen goedkope en dure uren kunnen de terugverdientijd van een thuisbatterij verkorten. Daarbij moet wel rekening worden gehouden met het rendement van de batterij. Bij het opslaan en later weer gebruiken van elektriciteit gaat namelijk ongeveer 10 tot 15% van de energie verloren.