Vorige week vrijdag was de ideale dag geweest om Griekenland failliet te laten verklaren. Gelukkig kwam het er niet van. We zijn daarmee niet vrij van de problemen, men heeft alleen geen gebruik gemaakt van de ideale datum.
Waar staan we nu?
Het is ieder weldenkend mens duidelijk dat Griekenland er niet zelfstandig bovenop gaat komen. Het land heeft niet genoeg economische kracht om het welvaartsniveau, waarop ze de laatste tien jaar jaar voor de crisis begon leefden, vol te houden.
Voor dat de euro kwam was Griekenland een arm land. Men kwam er niet om van de honger, maar een nieuwe auto kopen was pas mogelijk als je het geld er voor had. Een pickup truck kopen kon pas als je er toestemming voor had. De auto moest voorzien worden van je naam en je gegevens en die stonden op de deuren van de auto.
Dat de Grieken dus zo graag bij de Eurozone wilden komen was geen verrassing. Dat ze ineens gingen leven zoals in West Europa was wel een verrassing. Vrijwel alle wegen in Griekenland werden met steun van Europa geherasfalteerd. Er kwamen enkele prestigieuze projecten tot stand, zoals een mooie atletiekbaan midden in niets op Kreta. (Er onder ligt naar verluidt het nodige aan giftig afval dat er eerst onder is geschoffeld).
Iedereen kon lenen en de staat kon alles. Het is niet zo gek dat het slechte in mensen boven kwam. Alles was mogelijk, overal was geld voor.
Nu moet Griekenland weer terug naar de realiteit.
De armen worden het zwaarst getroffen. Ze profiteerden niet zo enorm van de goede tijd en zijn nu echt het haasje in de slechte tijd. Europa moet niet de Griekse banken steunen, maar zou de Griekse armen moeten steunen met in gedachte, ‘geef een man een vis en hij eet een dag, leer hem vissen en hij eet zijn hele leven’.