Uitbreiden zal voor woningbouw in Nederland de hoofdmoot gaan vormen. Het herontwikkelen van stadsdelen en voormalige industrieterreinen etc. kan slechts voor een derde aan de extra vraag naar woningen voldoen. Daarbij moet dan bij inbreiding fors dichter gebouwd gaan worden.
Inbreiden zal ook de nodige extra subsidie kosten omdat huidige eigenaren van objecten over de streep getrokken moeten worden om hun bezit beschikbaar te stellen voor stadsinbreiding.
Toch is inbreiding de minst ingrijpende vorm van woningbouw. Vaak kan het stadsdelen zelfs verbeteren.
Oude wijken kan je slopen en er (dichter op elkaar) nieuwe woningen bouwen. Ook kan je er voor kiezen om op inbreidingslocaties omhoog te gaan bouwen.
Het blijkt keer op keer dat mensen erg graag in de stad willen wonen en dat men het daarbij voor liefst neemt dat je er minder ruimte zult hebben. Door wijken met een bepaalde gezamenlijke buitenruimte te ontwikkelen kan je voorkomen dat iedereen een eigen tuintje moet bezitten.
In de buitenwijken en buiten de stad zal echter de uitbreiding gezocht moeten worden. Daar is ook meer ruimte, maar het zal wel ten koste van het buitengebied gaan. Hoe hard is het groene hart van de Randstad uiteindelijk nog? Het is vooral daar waar de meesten willen wonen.
Nederland kan amper inbreiden (Tom Lassing)
134
previous post