Miljardairs wil Singapore aantrekken, hoe meer, hoe liever. De inkomensongelijkheid neemt er enorm mee toe, maar het argument van de regering is dat miljardairs omzet en activiteit meenemen.
Hun superdeluxe leventje brengt belastingen op. Ze kopen veel auto’s en rijden weinig tot niet. Ze importeren weliswaar ook veel, maar ook daarop zit weer accijns.
Hun huizen en appartementen moeten onderhouden worden en daar worden lokale werknemers voor gezocht. Ook de bewaking van het onroerend goed is een lokale aangelegenheid.
Volgens de regering van Singapore is het dus goed om veel superrijken aan je te binden.
De bevolking van Singapore is echter minder enthousiast. Veel van de bouwvakkers komen uit het buitenland. De lokale middenstand verkoopt bijna niets aan de miljardairs omdat deze veel spullen vanuit Parijs of Londen laten invliegen.
De mooiste plekjes van Singapore worden in feite door superrijke buitenlanders ingepikt en ook dat steekt.
Het verschil tussen de welvaart van de bevolking en de miljardairs is simpelweg veel te groot. Men leeft in twee verschillende werelden waarbij ook twee soorten wetten lijken te gelden.
De bevolking ziet niet waar die winst van de miljardairs dan precies in zit. Doen ze er ook lokaal zaken, of is het slechts één van hun buitenhuizen waar ze af en toe vertoeven?
Het regeringsbeleid is nu nog dat ze de miljardairs graag zien komen. Hoe lang dat nog vol te houden is valt te bezien.