Wil je (veel) energie hebben, dan ben je nu afhankelijk van een elektriciteitsnet dat vol zit. Ben je dus nieuw, of wil je uitbreiden, dan kom je voorlopig niet aan de beurt.
Die situatie kan wel eens een kwart eeuw gaan duren, want ons elektriciteitsnet is totaal niet voorbereid op een decentrale energie productie. Het is namelijk opgebouwd voor productie in centrales die het aan eindgebruikers leveren. De aanpassing naar een decentraal netwerk zal heel veel tijd vergen.
Cellcius is een bedrijf dat er een interessante oplossing voor gevonden heeft.
Het wil namelijk zoutbatterijen opwarmen met restwarmte en dan die batterijen vervoeren naar plekken waar ze iets kunnen met de energie uit die zoutbatterijen.
In plaats van energie over een netwerk sturen, stuur je het nu letterlijk met de vrachtwagen.
Totaal geen afhankelijkheid dus van een extern elektriciteitsnet.
Een heel interessante manier om netcongestie te ontlopen. Ik sprak met Eddy Allefs die het in deze video uitlegt.
zoutbatterij
Tot op heden zijn huisbatterijen voor de opslag van zonne-energie vooral lithium batterijen. Dat werkt keurig, maar de batterijen zijn duur, er is een brandgevaar en de techniek lijkt behoorlijk uitgeknepen te zijn. De vraag is hoeveel meer energie en ladingen uit lithium batterijen geperst kunnen gaan worden.
Een andere stroming binnen de huisbatterijen markt zou wel eens de zoutbatterij kunnen worden.
De ontwikkeling daarvan vindt onder meer in Nederland plaats. TU/e en TNO zijn er actief mee.
Eén student promoveerde 9 maart 2023 op het onderwerp.
Er is zelfs al een bedrijf als spin-off ontstaan.
Er is één proefopstelling die al werkt. Een apparaat zo groot als een koelkast.
De uitdaging van de zoutbatterij bleek de samenstelling van het zout te zijn. Het is maar niet zo even wat zout in een vat kiepen.
Het is helaas nog niet zo dat deze techniek snel in productie genomen kan worden. Er zijn nog wel enkele technische hobbels te nemen. Toch lijkt hier een toekomst in te zitten. Immers, als één zo’n onderzoek als zo succesvol is, dan moet er de komende jaren veel meer mogelijk zijn.
De vraag is en blijft altijd of een goed lab idee ook in de praktijk kan werken. Is het schaalbaar, kan het ook commercieel haalbaar gemaakt worden? Dat is keer op keer de vraag. Dat zullen we dus moeten afwachten.