Het is eigenlijk heel gek dat we allemaal naar elektriciteit kijken als we onze energie-onafhankelijkheid willen verminderen. Gek, omdat de huisbatterij ons 100% zeker niet door de winter heen helpt.
Meer dan 50% van de energie die we verbruiken, hebben we nodig voor verwarming. Zeker in de winter is verwarming onze hoogste prioriteit!
Je zou dus denken dat daar onze meeste aandacht naar uitgaat, maar dat doet het echter niet.
Wat veel mensen in een eensgezinswoning zouden kunnen doen, is in de tuin een enorm plastic vat begraven met daarin een forse hoeveelheid zout water. De samenstelling van dat zout is belangrijk, want niet alle zout is geschikt, maar dat is voor een andere keer. De juiste samenstelling zout water houdt warmte 8x beter vast dan zoet drinkwater.
In de zomer kan je via PVT-panelen dat water verwarmen. Je kan eventueel ook in de zomer het overschot aan elektriciteit uit je gewone panelen gebruiken om het water te verwarmen.
Je omvang van het vat stem je af op de warmtebehoefte in de woning. Daarbij heb je liefst een beetje extra buffer om ook een strenge winter door te komen.
In de winter haal je de warmte weer uit dat grote vat.
Je zet dus zo min mogelijk elektriciteit om in warmte, maar je probeert warmte ook gewoon warmte te laten blijven.
Door deze stap ook te maken, is je energieonafhankelijkheid echt extreem toegenomen en praten we nog slechts over een stukje tekort in de elektriciteitsvoorziening.
Je huisbatterij helpt je niet de winter door. Je zoutwater vat wel voor wat betreft de verwarming van de woning. Waar zou je dus eigenlijk de nadruk op moeten leggen?