Buitenlandse rekening
- Gegevens
- Gepubliceerd op vrijdag 11 maart 2011 08:18
De belastingdienst stuurde een persoon een formulier waarop hij zijn buitenlandse rekeningen diende te vermelden. De belastingdienst had namelijk naar eigen zeggen het vermoeden dat buitenlandse rekeningen werden aangehouden die niet in de aangifte tot uitdrukking waren gekomen.
De persoon in kwestie was daarover zeer verbaasd, omdat deze nooit buitenlandse rekeningen had gehad. De belasting kreeg dus een brief terug met de verklaring dat geen rekening aangehouden werd maar ook de vraag op welke grond dit vermoeden van de belastingdienst was ontstaan.
Eea moest tot aan de rechter komen, want de belastingdienst wenste geen brief te ontvangen, maar het ingevulde formulier en de belasting wenste geen inzage of duidelijkheid te geven over hoe ze aan haar vermoeden kwam.
De rechter oordeelde dat de belasting in beide gevallen gelijk had. Ze mag eisen dat je als ingezetene een formulier invult in plaats van zelf een brief schrijft. De brief wordt dan als niet geschreven en niet ontvangen gekwalificeerd. Tevens mag de belastingdienst haar bronnen geheim houden.
Dat laatste houdt in dat burgers elkaar lekker kunnen aangeven en geheel anoniem. Wil je dus je buurman in een kwaad daglicht zetten, heb je een hekel aan je baas of wil je je zwager een hak zetten, een tip naar de belastingdienst kan hem of haar lekker wat werk en een prachtige verdenking opleveren.
Leve de rechtsstaat!
PS: Onduidelijk is of de bronnen van de belastingdienst geheim blijven als er daadwerkelijk een navorderingsaanslag wordt opgelegd. De rechter heeft zich daar nog niet over gebogen.


